Bert Frijlingh van ProRail over parelproject Meerjarenprogramma Geluidsanering

De Green Deal Duurzaam GWW heeft als ambitie om duurzaamheid in 2020 een integraal onderdeel te laten zijn van spoor- , grond-, water- en wegenbouwprojecten. Om dit te realiseren is de praktische Aanpak Duurzaam GWW ontwikkeld. Deze werkwijze maakt duurzaamheid in GWW-projecten concreet zonder vooraf voor te schrijven hoe de duurzaamheidswinst behaald wordt. Dat kan per project verschillen. Tijdens de InfraTech2019 is aan vijf projecten een Duurzame Parel uitgereikt. Deze parelprojecten zijn een voorbeeld voor de rest van de sector omdat het bevorderen van duurzaamheid een belangrijk projectdoel was en omdat ze daarbij de Aanpak Duurzaam GWW hebben ingezet.

“Denk goed na wie in speelveld mee doen en benader die!”

Het project Meerjarenprogramma Geluidsanering(MJPG) is zo’n parelproject. Het MJPG is het grootste (landelijke) programma tegen geluidoverlast langs de rijksweg en het spoor. Doelstelling: het verbeteren de leefomgeving voor duizenden huishoudens langs rijkswegen en spoor. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat stelt vast welke geluidmaatregelen moeten worden genomen en op welke locaties. Dit staat opgenomen in de zogenaamde geluidsaneringsplannen. Vanaf 2020, en waar mogelijk eerder, starten Rijkswaterstaat (RWS) en ProRail met de uitvoering van de geluidmaatregelen in het Meerjarenprogramma Geluidsanering (MJPG).

Geluidsbelastingen terugbrengen
Verkeer op (spoor)wegen veroorzaakt geluidhinder. Reductie van dit verkeersgeluid is een belangrijk onderdeel van het rijksbeleid. Mede door de grote verkeersgroei van de afgelopen twintig jaar is een extra aanpak nodig om de overlast door de rijksinfrastructuur te beperken. Het MJPG is gericht op geluid reducerende maatregelen bij woningen met een geluidbelasting van meer dan 65 decibel (dB) als gevolg van een rijksweg of meer dan 70 dB als gevolg van een hoofdspoorweg. Ook richt het MJPG zich op woningen die in het kader van de saneringsoperatie tijdig zijn gemeld en op woningen langs aangewezen wegvakken waar de geluidbelasting door verkeersgroei meer dan 5 dB is gestegen. RWS en ProRail bekijken in samenspraak welke maatregelen nodig zijn. Het streven is de geluidsbelastingen terug te brengen tot 60 dB bij rijkswegen en 65 dB bij spoorwegen.

Afstemmen
Hoe worden de maatregelen bepaald? Door berekeningen te maken van de geluidbelasting op de gevels van de woningen legt Bert Frijlingh, technisch manager bij ProRail uit. “De uitkomst van deze berekeningen en de maatregelen stemmen we af met de gemeenten waarin de woningen staan. Voor de berekeningen worden wettelijke reken- en meetvoorschriften gebruikt. We gebruiken onder andere raildempers, geluidschermen en we isoleren woningen om geluidoverlast binnenshuis aan te pakken. Het geluid binnenshuis brengen we binnen de wettelijke norm.”

Stapje verder
Een jaar geleden gaf het ministerie groen licht voor de realisering van het programma, Geluidschermen en raildempers zijn standaard middelen die bij geluidsanering vaak worden genoemd. Maar ProRail wilde een stapje verder gaan in duurzaamheid. Daarom hield zij samen met bureau TAUW een aantal workshops waarbij de instrumenten van Duurzaam GWW werden gebruikt. Deze zijn cruciaal geweest in het project. Onder andere werd het ambitieweb doorlopen. “Hierbij hebben we gekeken wat we kunnen doen en hebben we gedachten de vrije loop gelaten. Hieruit is een aantal creatieve ideeën ontstaan. We konden die vervolgens onder de loep nemen of ze ook realiseerbaar waren”, aldus Frijlingh. Als tip geeft hij aan anderen mee om goed na te denken over de spelers en het speelveld. En dan is het DOEN. Dus die partijen benaderen en vragen om mee te denken in het geheel.

Combi zonnepanelen en geluidschermen
Eén van die ideeën was het integreren van windmolens en zonnepanelen in geluidschermen. “Dat laatste gaan we in ieder geval uitvoeren!” Er loopt langs snelwegen ook een aantal proefprojecten. “Verder bekijken we bij appartementen of er nog ruimte is die praktisch gebruikt kan worden als afscherming van geluid. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van een gebouw waar winkels en andere faciliteiten in gehuisvest kunnen worden (op kosten van derden). De lokale kennis van gemeenten is hierbij belangrijk.

Laaghangend fruit
Frijlingh: “De resultaten zijn gepresenteerd aan samenwerkingspartners als gemeenten en het ministerie I&W maar ook aan de omgeving. We kijken waar we laaghangend fruit direct ook kunnen meenemen. Denk aan ecologische maatregelen als een fauna passage, bijenhotels etc. Het is wel moeilijk om werk met werk te realiseren, omdat er zoveel partijen bij betrokken zijn en er soms spraakverwarringen zijn. Dit is dan achteraf moeilijk te herstellen. Maar we kijken goed naar wat we nog meer kunnen doen!” Frijlingh legt uit dat de maatregelen zichtbaar worden gemaakt via een webviewer waardoor het wat meer inzichtelijk wordt voor iedereen.

Goed ontvangen
Frijlingh vertelt dat de duurzaamheidsmaatregelen goed worden ontvangen. Voor de geluid reducerende maatregelen hangt de reactie af van de locatie en situatie. “Iemand die een geluidscherm voor zijn raam krijgt reageert anders dan bewoners verderop die minder geluidsoverlast krijgen door plaatsing van het scherm.” Frijlingh geeft aan dat overleg met de omgeving nog eerder had moeten plaatsvinden en dat hij duurzaamheid eerder in het programma had willen invoeren. Om het programma te laten slagen is draagvlak noodzakelijk. “De omgeving moet er vrede mee hebben. Omgevingskwaliteit heeft hierbij een sleutelrol.”

Twee fases
Het programmabudget is € 907 mln. Het ministerie heeft dit budget vrijgemaakt. Als eerste worden de projecten met de hoogste geluidsbelastingen uitgevoerd. Daar is voldoende geld voor. De vraag is of het budget voor het totale programma toereikend is. De markt is betrokken bij een efficiënte aanpak. Met hen bekijken we welke optimalisatie we kunnen realiseren. Er is besloten om te werken in twee fases. We kunnen aan het einde van fase 1 de balans opmaken; is het gereserveerde budget voldoende na alle uitgaven van fase 1? Wat hebben we nog nodig aan budget voor fase 2?

Planning
De exacte omvang van de maatregelen wordt bepaald bij het vaststellen van de saneringsplannen op basis van gedetailleerd akoestisch onderzoek. Aan het einde van fase 1 dienen RWS en ProRail een saneringsplan in bij het ministerie (planning begin 2020). Hiervoor is er eerst nog een terugkoppeling aan geïnteresseerden. Men kan op het plan reageren, allereerst via de webviewer. Nadat het plan is ingediend, is het aan de minister om hierover te besluiten. Dit zal hoogstwaarschijnlijk in de loop van volgend jaar zijn. Ook dan volgt nog een wettelijke inspraakprocedure. Iedereen kan de saneringsplannen dan bekijken en erop reageren. De start van de bouw zal niet voor 2020 geschieden. Streven is om in 2025 het MJPG afgerond te hebben.

Ook beschermd in de toekomst
Ook na uitvoering van het MJPG blijven omwonenden beschermd. Om deze bescherming te bieden, gaan RWS en ProRail jaarlijks na wat de geluidproductie langs de rijkswegen en het spoor is. Het geluid mag wettelijk niet boven de vastgestelde geluidproductieplafonds uitkomen.

Bert Frijlingh werkt als technisch manager bij ProRail. Bureau TAUW ondersteunt ProRail in het kader van duurzaamheid. Movares in combinatie met DB Vision voert de geluidsberekeningen uit. Het totale IPM-team bestaat uit 14 personen. Het project wordt in het kader van Duurzaam GWW uitgevoerd samen met gemeenten en het ministerie I&W.